De geschiedenis van carnaval
Carnaval is niet zomaar een feestje, het is een traditie met een lange geschiedenis. Het feest vindt plaats vlak vóór de vastentijd, de periode van veertig dagen waarin katholieken zich voorbereidden op Pasen door sober te leven. Carnaval was hét moment om nog even flink te eten, drinken en feesten voor het vasten begon. De naam "carnaval" verwijst dan ook naar carne vale – “vaarwel vlees”.
In de Middeleeuwen groeide carnaval uit tot een volksfeest waarin de wereld even op z’n kop stond. Iedereen was gelijk, spoten en humor mochten volop en je kon je even verschuilen achter een masker. Door die vrijheid was carnaval erg populair, vooral in het erg katholieke Zuiden van Nederland.
Door de eeuwen heen bleef het carnavalsfeest zich ontwikkelen. Wat begon als eenvoudige dorpsfeesten, groeide uit tot het kleurrijke en gezellige feest dat wij nu kunnen, met optochten, prinsen en muziek. Toch is de kern hetzelfde gebleven: samen lachen en feestvieren. Even loskomen van het alledaagse leven en met elkaar genieten van traditie, gezelligheid en plezier – dát is carnaval!
Oprichting van 't Vosse-ol
In de stad Bergen op Zoom, 15 km vanaf ons dorp, was carnaval reeds uitgegroeid tot een groot feest. In 1959 namen enkele dorpsbewoners het initiatief om ook in Nieuw-Vossemeer voor de kinderen een carnavalsfeest te organiseren in de vorm van een kindermiddag. Dit was meteen een hit, waardoor het jaar erop werd overgegaan tot een grotere opzet van het feest en de officiële aanmelding bij de notaris als stichting. De naam van de stichting en tevens carnavalsnaam voor Nieuw-Vossemeer werd: " 't Vosse-ol". De bewoners zijn tijdens carnaval "Voskes en Vossinekes". De eerste hofhouding bestond toen uit prins Adri Luyks (Flierefluiter I), nar Rien de Greef, grootste boer Marinus Smout en Jan Keller Chiel Smout.
In 1983 is de stichting omgezet naar vereniging en daarbij ontstond ook het eerste logo.
Jeugdhofhouding
In de eerste jaren dat carnaval werd gevierd in 't Vosse-ol was er nog geen jeugdhofhouding. De eerste keer dat er hofhoudingsrollen voor kinderen waren was in 1973. Toen waren er alleen nog maar een jeugdprinsesje en een jeugdnar. Pas in 1991 was er een volledige jeugdhofhouding met ook de jeugdpliesie en een jeugdboerke.
Ofkapel De Vosseblaozers
Ook de Vosseblaozers zijn eind 1959 opgericht. Al vanaf de eerste keer dat er carnavalsactiviteiten in Nieuw-Vossemeer werden georganiseerd was duidelijk dat muziek daar niet bij mocht ontbreken! De Vosseblaozers werden opgericht als boerenkapel en waren ook meteen de hofkapel van 't Vosse-ol. Destijds waren de Vosseblaozers ook veel in Steenbergen te vinden, omdat daar toen nog geen boerenkapel was. Tegenwoordig zijn de Vosseblaozers nog steeds regelmatig in Strienestad te vinden tijdens de voorweekenden voorafgaand aan carnaval, maar met carnaval zelf zijn ze niet meer weg te denken uit 't Vosse-ol.
Bouwclub d'Ôôgte en de bouwschuur
In de jaren ’60 werden de carnavalswagens nog gewoon gebouwd bij boeren in de schuur: aan de Nieuw-Vossemeersedijk, Notendaal, de Moorseweg en noem maar op. Begin jaren ’70 veranderde dat. De gemeente Nieuw-Vossemeer kocht de schuren achter de Hoogte aan, bedoeld als opslag. Die bleken perfect geschikt om carnavalswagens te bouwen. Niet alleen 't Vosse-ol maakte daar gebruik van, ook andere verenigingen, zoals de Eendrachtvissers, konden er hun creativiteit kwijt.
In het begin werden de poppen op de carnavalswagens vooral gemaakt met papier-maché, maar later – naar voorbeeld van onder andere Bergen op Zoom – stapte men over op polyester. Dat bleef heel lang goed en maakte het mogelijk om wagens te verkopen, ruilen of opnieuw op te bouwen.
Het gebruik van polyester had echter ook een keerzijde… En die werd pijnlijk duidelijk vlak vóór carnaval 1988. Een vat polyester vatte vlam en het vuur sloeg razendsnel over op de carnavalswagen. Er was geen blussen aan. Iedereen verliet de schuur en de brandweer werd gebeld. De brandweer was snel ter plaatse, maar door extra zuurstof toevoer bij het openen van een grote deur sloegen de vlammen door het dak. Daarmee kwam een abrupt einde aan de schuren achter de Hoogte.
Diezelfde zomer kreeg de carnavalsvereniging een oude noodschool aangeboden in ’s Gravenmoer. De units werden daar uit elkaar gehaald en deels weer opgebouwd in de Vletterstraat, op de grond van toenmalig voorzitter Cees Bakx. De naam van die noodschool werd meteen ook de naam van de nieuwe bouwplek: ‘Olleke Bolleke’. Ideaal was het niet – het was laag en behelpen – maar we konden weer bouwen!
Halverwege de jaren ’90 gaf Cees aan dat hij mogelijk een woning wilde gaan bouwen op de grond of de grond wilde verkopen. Ook kwam het nieuws dat Nieuw-Vossemeer per 1 januari 1997 geen zelfstandige gemeente meer zou zijn. Toenmalig voorzitter Niek Perdaems rook zijn kans en ging alvast lobbyen bij de gemeente Steenbergen. Met succes: de loods op de Hoogte kon voor een symbolisch bedrag worden aangekocht. De grond bleef eigendom van de gemeente, maar wij hadden weer een vaste plek.
‘Olleke Bolleke’ werd overgedragen aan Dre van Gastel, die de grond in de Vletterstraat van Cees Bakx kocht. De bouwers besloten intussen onder een eigen naam verder te gaan: Bouwclub d'Ôôgte. Uiteraard nog steeds trots onderdeel van Carnavalsvereniging ’t Vosse-ol!
go to content


